Deriving the term-structure of loan write-off risk under IFRS 9 by using survival analysis: A benchmark study

Dit artikel presenteert een vergelijkende studie waarin discrete-time hazard-modellen en conditional inference survival trees worden gebruikt om de term-structuur van schrijfafschrijvingsrisico's onder IFRS 9 af te leiden, en concludeert dat hoewel de discrete-time hazard-benadering de beste tweestaps-LGD-modellen presteert, een enkelstaps-LGD-model vanwege de specifieke 'L-vormige' verdeling van de data uiteindelijk de beste resultaten boekt.

Arno Botha, Mohammed Gabru, Marcel Muller, Janette Larney

Gepubliceerd Fri, 13 Ma
📖 5 min leestijd🧠 Diepgaand

Each language version is independently generated for its own context, not a direct translation.

Stel je voor dat een bank een grote berg geld uitleent aan mensen om huizen te kopen. Soms kunnen die mensen hun lening niet meer terugbetalen. Dit noemen we een "wanbetaling".

De bank moet dan een belangrijke vraag beantwoorden: Hoeveel geld gaan we uiteindelijk kwijt zijn?

In de financiële wereld heet dit de Loss Given Default (LGD). Maar het is niet zo simpel als "we krijgen niets terug". Soms lukt het de bank om de klant weer op de been te helpen (een "genezing"), en soms moet de bank het huis verkopen en het resterende bedrag afschrijven.

Dit artikel is een onderzoek van vier wetenschappers uit Zuid-Afrika die kijken hoe je dit het beste kunt voorspellen, vooral onder de strenge nieuwe regels van IFRS 9 (een boekhoudregel die zegt dat banken hun verliezen nu al moeten inschatten, niet pas als het te laat is).

Hier is de uitleg in gewone taal, met een paar creatieve vergelijkingen:

1. Het Probleem: De "Tijdbom" van wanbetalingen

Stel je een wanbetaling voor als een tijdbom.

  • Direct na de wanbetaling: De klant belt de bank en zegt: "Ik kan even niet betalen, maar ik ga het binnen een maand oplossen." De kans dat de bank het geld terugkrijgt is groot.
  • Na een jaar: De klant is al een jaar in gebreke. De kans dat de bank het geld terugkrijgt is veel kleiner.
  • Na 5 jaar: De klant is al 5 jaar in gebreke. De kans dat de bank nog iets terugkrijgt is bijna nihil.

De oude manier van rekenen keek vaak alleen naar het gemiddelde risico, alsof alle tijdbommen even gevaarlijk zijn, ongeacht hoe lang ze al branden. De auteurs zeggen: "Nee, dat is fout! Het risico verandert elke maand." Ze noemen dit de term-structuur van het risico. Het is alsof je niet alleen kijkt of een bom ontploft, maar ook wanneer hij ontploft.

2. De Oplossing: Twee nieuwe methoden om te kijken

De auteurs hebben gekeken of ze betere voorspellingen kunnen doen dan de oude methoden. Ze hebben twee nieuwe "speelgoed" (modellen) getest:

  • De Discrete-Time Hazard (DtH) model:

    • De analogie: Stel je voor dat je een weerstation bent dat elke maand een nieuwe voorspelling doet. "Deze maand is de kans op ontploffing 2%, volgende maand 5%, daarna 10%."
    • Dit model kijkt naar de tijd. Het weet dat het risico verandert naarmate de wanbetaling langer duurt. Het gebruikt een soort "tijdslijn" om te voorspellen.
  • De Survival Tree (Overlevingsboom):

    • De analogie: Stel je een gokker voor die een boomtekent.
    • "Is de klant jong of oud?" -> Links.
    • "Is de schuld hoog of laag?" -> Rechts.
    • "Is de werkloosheid in de stad hoog?" -> Nog verder naar rechts.
    • Aan het einde van elke tak van de boom staat een voorspelling: "Bij deze groep mensen is de kans groot dat ze binnen 6 maanden failliet gaan."
    • Dit model is slim omdat het patronen ziet die een simpele formule misschien mist.

Ze hebben deze twee vergeleken met een oude, simpele methode (Logistische Regressie), die werkt als een eenmalige foto: "Kijk naar de klant nu, en ik zeg je of hij faalt of niet." Maar deze foto verouderd snel en ziet de tijd niet.

3. De Resultaten: Wat werkt het beste?

De auteurs hebben een enorme dataset gebruikt (meer dan 650.000 hypotheken uit Zuid-Afrika) om te testen welke methode het beste werkt.

  • De winnaar: Het DtH-model (het weerstation dat elke maand update) deed het veruit het beste. Het kon de "tijdslijn" van het risico het nauwkeurigst voorspellen. Het wist precies te zeggen: "Na 3 maanden is het risico X, na 12 maanden is het risico Y."
  • De verrassing: Er was een tweede methode die zelfs nog beter deed, maar die was heel simpel: een één-staps model.
    • Waarom? De data van deze bank zag er heel raar uit. De meeste mensen die faalden, werden "genezen" (ze betaalden alles terug, dus verlies = 0). Maar de weinigen die echt faalden, verloren heel veel geld. De verdeling leek op de letter L (veel nul, weinig hoge verliezen) in plaats van de gebruikelijke U-vorm.
    • Omdat de data zo extreem was, werkte de simpele methode (die alles in één keer berekende) soms beter dan de complexe tweestaps-methode.

4. Waarom is dit belangrijk? (De "L-vorm" en de IFRS 9 regels)

Onder de nieuwe regels (IFRS 9) moeten banken geld reserveren voor toekomstige verliezen.

  • Als je het risico onderschat, moet de bank te weinig geld reserveren. Als er dan een crisis komt, kan de bank failliet gaan. (Gevaarlijk!)
  • Als je het risico overschat, moet de bank te veel geld reserveren. Dat geld zit dan vast en kan niet gebruikt worden om nieuwe leningen te geven of om winst te maken. (Onnodig duur!)

De auteurs zeggen: "Als je de tijd niet meeneemt in je berekening (zoals de oude foto-methode), maak je fouten. Je ziet niet dat het risico groeit naarmate de tijd verstrijkt."

Samenvatting in één zin

Dit artikel leert banken dat ze niet naar een statische foto van een wanbetaling moeten kijken, maar naar een live-video (met de DtH-modellen), zodat ze precies weten hoeveel geld ze moeten reserveren op elk moment in de tijd, vooral omdat hun klanten vaak "genezen" worden maar soms ook heel veel geld kosten.

De kernboodschap: Tijd is de belangrijkste factor bij het voorspellen van verlies. Hoe langer iemand in de problemen zit, hoe groter de kans dat het geld echt weg is, en je moet die tijd in je berekening stoppen om de bank veilig te houden.