New Upper Bounds for the Classical Ramsey Numbers R(4,4,4)R(4,4,4), R(3,4,5)R(3,4,5) and R(3,3,6)R(3,3,6)

Dit artikel presenteert nieuwe, strengere bovengrenzen voor de klassieke Ramsey-getallen R(4,4,4)R(4,4,4), R(3,4,5)R(3,4,5) en R(3,3,6)R(3,3,6) die de tot nu toe beste schattingen, die voornamelijk op een standaard ongelijkheid waren gebaseerd, verbeteren.

Luis Boza

Gepubliceerd 2026-03-12
📖 4 min leestijd🧠 Diepgaand

Each language version is independently generated for its own context, not a direct translation.

Wiskundige Vrienden en de Onmogelijke Feestjes: Een Uitleg van het Nieuwe Ramsey-Bewijs

Stel je voor dat je een gigantisch feestje organiseert. Je hebt een enorme groep mensen uitgenodigd en je wilt ze allemaal met elkaar laten praten. Maar er is een probleem: je hebt maar drie soorten drankjes (rood, blauw en groen) en je wilt voorkomen dat er een groepje mensen is die allemaal hetzelfde drankje drinkt en zich zo goed vermaakt dat ze een eigen, gesloten clubje vormen.

In de wiskunde noemen we dit een Ramsey-getal. Het is het kleinste aantal mensen dat je nodig hebt om te garanderen dat, hoe je de drankjes ook verdeelt, er altijd wel een groepje is dat zich "te goed" vermaakt in één kleur.

De auteur van dit artikel, Luis Boza, heeft een nieuwe manier gevonden om te voorspellen hoeveel mensen je maximaal nodig hebt voor drie specifieke, lastige scenario's. Hier is de uitleg in gewone taal, met een paar creatieve vergelijkingen.

1. De oude manier: De "Schatting"

Voor decennia gebruikten wiskundigen een simpele, maar saaie formule om deze aantallen te schatten. Het was alsof je probeerde te raden hoe zwaar een olifant is door te zeggen: "Oké, een olifant is zwaarder dan een koe, en een koe is zwaarder dan een hond, dus de olifant is... eh, heel zwaar."

Deze formule gaf een bovengrens (een maximum), maar vaak was die grens te hoog. Het was alsof je zei: "Je hebt maximaal 1000 mensen nodig," terwijl je in werkelijkheid misschien maar 900 nodig had. De wiskundigen wisten dat ze beter konden doen, maar ze hadden geen betere manier om dat te bewijzen.

2. De nieuwe truc: De "Drie-Kleuren-Check"

Boza heeft een slimme nieuwe truc bedacht. Hij kijkt niet alleen naar het totale aantal mensen, maar ook naar de restantjes als je door 3 deelt.

Stel je voor dat je een taart hebt die je in stukken wilt snijden. De oude formule zei: "De taart is groot genoeg voor 100 mensen." Boza kijkt echter naar de restjes: "Als we de taart in drieën delen, blijft er altijd een stukje over dat niet perfect past. Dat betekent dat de taart eigenlijk iets kleiner is dan we dachten!"

Zijn nieuwe regel (Theorema 2.1) werkt als volgt:

  • Als je de berekening doet en het getal is niet precies 1 meer dan een veelvoud van 3 (bijvoorbeeld 10, 11, 13, maar niet 10, 13, 16... wacht, 10 is 1 meer dan 9, dus 10 is 1 mod 3. Laten we het zo zeggen: als het getal een bepaalde "ritme" mist in de rij van 3, 6, 9, 12...), dan kun je de schatting met één verlagen.
  • Het is alsof je merkt dat je de laatste stoel op een feestje toch niet nodig hebt, omdat de geometrie van de tafel het niet toelaat dat iedereen tegelijk zit.

3. De drie grote doorbraken

Met deze nieuwe "ritme-check" heeft Boza drie belangrijke getallen verbeterd:

  • R(4, 4, 4): Dit gaat over een feestje met 3 kleuren, waarbij we zoeken naar een groepje van 4 mensen die allemaal dezelfde kleur hebben.

    • Oude grens: 230 mensen.
    • Nieuwe grens: 229 mensen.
    • Betekenis: Je hoeft dus 1 persoon minder uit te nodigen om te garanderen dat er een groepje van 4 is.
  • R(3, 4, 5): Hier zoeken we naar een groepje van 3 in kleur 1, 4 in kleur 2 en 5 in kleur 3.

    • Oude grens: 158 mensen.
    • Nieuwe grens: 157 mensen.
  • R(3, 3, 6): Twee groepjes van 3 en één van 6.

    • Oude grens: 92 mensen.
    • Nieuwe grens: 91 mensen.

4. Waarom is dit belangrijk?

Je zou kunnen denken: "Oké, één persoon minder, wat maakt dat uit?"

In de wereld van de wiskunde is dit als het vinden van de laatste puzzelstukjes. Het toont aan dat we de fundamentele regels van "chaos en orde" beter begrijpen. Het laat zien dat de oude, simpele formules niet het hele verhaal vertellen. Boza heeft laten zien dat er een verborgen structuur zit in deze getallen, net zoals er een verborgen ritme zit in muziek dat je pas hoort als je goed luistert.

Samenvattend:
Luis Boza heeft een nieuwe, slimme manier gevonden om te tellen hoeveel mensen je nodig hebt op een feestje om te voorkomen dat iedereen in één kleur zit. Door te kijken naar de "restjes" bij het delen door 3, heeft hij bewezen dat we voor drie specifieke situaties één persoon minder nodig hebben dan we dachten. Het is een kleine stap voor de getallen, maar een grote sprong voor ons inzicht in hoe de wiskunde van groepen en kleuren in elkaar zit.