← Nieuwste papers
📄 medicine

Combination of the extract from Phellinus linteus with Smilax spp. attenuates colorectal and prostate cancers

Deze studie toont aan dat een gecombineerd extract van *Phellinus linteus* met *Smilax*-soorten (PSS) een superieure anti-kankereffectiviteit vertoont tegen colorectale en prostaatkanker vergeleken met *Phellinus linteus* alleen door celcyclusarrest te induceren, tumorgroei in vivo te verminderen en de polarisatie van tumor-geassocieerde macrofagen te moduleren.

Oorspronkelijke auteurs: Chiratchaya Chongrak, Peerapat Visitchanakun, Prakaithip Somjit, Dhammika Leshan Wannigama Wannigama, Suwasin Udomkarnjananun, Panomwat Amornphimoltham, Asada Leelahavanichkul, Pattamawadee Yanatatsan
Gepubliceerd 2026-08-05
📖 1 min leestijd☕ Koffiepauze-leesvoer

Oorspronkelijke auteurs: Chiratchaya Chongrak, Peerapat Visitchanakun, Prakaithip Somjit, Dhammika Leshan Wannigama Wannigama, Suwasin Udomkarnjananun, Panomwat Amornphimoltham, Asada Leelahavanichkul, Pattamawadee Yanatatsaneejit

Oorspronkelijk artikel gelicentieerd onder CC BY 4.0 (https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/). Dit is een AI-gegenereerde uitleg van het onderstaande artikel. Het is niet geschreven of goedgekeurd door de auteurs. Raadpleeg het oorspronkelijke artikel voor technische nauwkeurigheid. Lees de volledige disclaimer

Technische Samenvatting: Combinatie van Phellinus linteus met Smilax spp. vermindert colorectale en prostaatkanker

Probleemstelling
Ondanks de beschikbaarheid van conventionele kankerbehandelingen (chirurgie, chemotherapie, hormonale therapie) blijven de sterftecijfers en de bijwerkingen van de behandeling hoog. Er is een groeiende belangstelling voor natuurlijke verbindingen als adjuvante therapieën om de overleving te verbeteren en de toxiciteit te verminderen. Hoewel traditionele Thaise kruidengeneeskundige middelen, specifiek Phellinus linteus (PL, een medicinale paddenstoel) en Smilax spp. (specifiek Smilax corbularia en Smilax glabra, collectief aangeduid als PSS wanneer gecombineerd met PL), historisch zijn gebruikt voor de behandeling van kanker, vereisen hun specifieke mechanismen en effectiviteit tegen colorectale en prostaatkanker een rigoureuze wetenschappelijke validatie. Eerdere studies naar deze kruiden waren beperkt tot borstkanker of vertrouwden sterk op in vitro co-incubatie zonder de immuunmodulatie of het in vivo translationele potentieel volledig te verkennen.

Methodologie
De studie maakte gebruik van een veelzijdige aanpak die in vitro celcultuur, moleculaire analyse, assays voor immuuncelmodulatie en een in vivo xenograft-model combineerde.

  • Cellijnen: De studie maakte gebruik van drie colorectale cellijnen (HCT116, SW620, HT-29), één prostaatcellijn (PC3) en een niet-kankeraangevende niercellijn (HEK 293) voor toxiciteits- en mechanismestudies. Macrofagen werden afgeleid van THP-1 monocytoïde cellen.
  • Extractbereiding: Een mengsel (PSS) werd bereid door PL-vruchtlichamen en Smilax-rizomen in een verhouding van 3:1:1 te extraheren met gedestilleerd water. Een puur PL-extract werd eveneens bereid.
  • Cytotoxiciteit en Celcyclus: Cytotoxiciteit werd beoordeeld via de MTT-assay om IC50-waarden te bepalen. De celcyclusverdeling werd geanalyseerd met behulp van flowcytometrie met propidiumjodide (PI)-kleuring. Apoptose werd geëvalueerd met Annexine V/PI-kleuring.
  • Genexpressie: RT-qPCR werd uitgevoerd om de expressie van proliferatie-geassocieerde genen te analyseren: MDM2, KRAS en MKI67.
  • Immuunmodulatie (TAMs): Tumor-geassocieerde macrofagen (TAMs) werden geïnduceerd met HCT116-geconditioneerd medium. De effecten van de extracten op TAM-polarisatie (M1 vs. M2), cytokinesecretie (TNF-α, IL-6, IL-10) en tumoricide activiteit (gemeten via co-incubatie met CFSE-gelabelde kankercellen) werden geëvalueerd.
  • In Vivo Model: Een subcutaan xenograft-model werd opgezet in mannelijke naakte BALB/c-muizen met behulp van HCT116-cellen. Muizen ontvingen intralesionale injecties van PL, PSS of zoutoplossing vanaf twee weken na tumorinoculatie. Tumervolume en lichaamsgewicht werden gedurende 30 dagen gemonitord.

Belangrijkste Resultaten

  • Cytotoxiciteit: Zowel PL als PSS vertoonden dosisafhankelijke cytotoxiciteit tegen colorectale en prostaatcellijnen. PSS vertoonde een sterker anticankereffect (lagere IC50-waarden) dan PL alleen. PSS was het meest toxisch voor SW620-cellen en het minst toxisch voor HEK 293-cellen. Cisplatin bleef het meest potente agens overall.
  • Celcyclus en Apoptose: PSS induceerde effectief G2-celcyclusarrest in alle colorectale cellijnen, maar induceerde geen arrest in PC3-cellen. PL induceerde alleen G2-arrest in HT-29 en SW620 cellen. Beide extracten induceerden lage percentages apoptose (<5%) vergeleken met cisplatin.
  • Genexpressie: Beide extracten verminderden de MDM2-expressie in alle kankerceltypen. MKI67-expressie werd verminderd in HCT116, HT-29 en PC3 door beide extracten. KRAS-expressie vertoonde variabele reacties: het werd omlaag gereguleerd in HT-29 en PC3, maar omhoog gereguleerd in HCT116 en onveranderd in SW620.
  • Immuunmodulatie: Kanker-geconditioneerd medium induceerde een M2-achtige polarisatie in macrofagen (opregulatie van Fizz-1, TGF-β, Arg-1, IL-6, IL-10; downregulatie van IL-1β, iNOS, TNF-α). Zowel PL als PSS keerden deze trend om door M1-markers (IL-1β, iNOS) op te reguleren en M2-markers omlaag te reguleren. Echter, alleen PSS verminderde de Arg-1-expressie significant en toonde een tumoricide effect in co-incubatieassays met CFSE-gekleurde kankercellen.
  • In Vivo Effectiviteit: In het muis-xenograft-model leidde toediening van PSS tot een significante afname van het tumvolume bij HCT116-geïnjecteerde muizen. Toediening van PL vertoonde geen significante reductie in tumvolume, waarschijnlijk door oplosbaarheidsbeperkingen die het gebruik van effectieve concentraties in vivo verhinderden.

Belangrijkste Bijdragen

  1. Vergelijkbare Effectiviteit: De studie stelt vast dat de combinatie van Phellinus linteus met Smilax spp. (PSS) effectiever is dan Phellinus linteus alleen in het verminderen van de proliferatie van colorectale en prostaatkankercellen in vitro en tumorgroei in vivo.
  2. Mechanistisch Inzicht: Het onderzoek identificeert dat het anticankermechanisme van PSS directe cytotoxiciteit (G2-arrest) en de modulatie van de tumormicro-omgeving omvat, specifiek door de macrofaag-polarisatie te verschuiven van het pro-tumorigenische M2-fenotype naar het anti-tumorigenische M1-fenotype.
  3. Gen-Fenotype Correlatie: De studie benadrukt dat de cytotoxiciteit van PSS niet strikt correleert met de downregulatie van specifieke genen zoals MDM2 of KRAS over alle cellijnen heen, wat wijst op een multi-target mechanisme dat onafhankelijk kan zijn van specifieke p53- of KRAS-mutatiestatus.
  4. Translationeel Proof-of-Concept: De studie levert het eerste in vivo bewijs (muismodel) dat PSS de groei van colonmaligniteit kan remmen, wat het potentieel als therapeutische kandidaat valideert.

Betekenis en Claims
De auteurs beweren dat het PSS-mengsel potentieel klinische waarde heeft als kankertherapie, met name voor colorectale en prostaatkankers. De studie concludeert dat PSS succesvol de proliferatie van kankercellen remt via directe cytotoxiciteit en TAM-modulatie. De auteurs behouden echter een bescheiden toon met betrekking tot directe klinische toepassing. Zij stellen expliciet dat:

  • De bevindingen een "proof of concept" zijn.
  • Verder onderzoek naar onderliggende mechanismen (voorbij de drie geteste genen) en farmacokinetiek vereist is.
  • De huidige in vivo concentraties werden beperkt door oplosbaarheid, en hogere concentraties of andere toedieningsroutes (oraal/IV) noodzakelijk zouden zijn voor klinische vertaling.
  • De extracten nog niet klaar zijn voor gebruik als kruidengeneeskundige orale therapie of supplementen zonder verder onderzoek.
  • De studie beperkingen erkent, waaronder het gebruik van geïmmortaliseerde cellijnen (HEK 293, THP-1) in plaats van primaire normale cellen, en het gebrek aan combinatietherapie-testen met standaard chemotherapie.

Het artikel benadrukt dat hoewel PSS veelbelovend is, de effectiviteit niet uniform is over alle kankertypes of genetische achtergronden, en dat de toepassing een zorgvuldige overweging van dosering en patiëntspecifieke factoren vereist.

Verdrinkt u in papers in uw vakgebied?

Ontvang dagelijkse digests van de nieuwste papers die bij uw onderzoekswoorden passen — met technische samenvattingen, in uw taal.

Probeer Digest →