A Dominance Argument Against Incompleteness
Dit artikel presenteert een nieuw argument dat, gebaseerd op een zwak negatief dominantieprincipe en een zwak ex ante Pareto-principe, veel vormen van incompleetheid in morele en prudentiële waarden uitsluit.
Oorspronkelijk artikel gelicentieerd onder CC BY 4.0 (http://creativecommons.org/licenses/by/4.0/). Dit is een AI-gegenereerde uitleg van het onderstaande artikel. Het is niet geschreven of goedgekeurd door de auteurs. Raadpleeg het oorspronkelijke artikel voor technische nauwkeurigheid. Lees de volledige disclaimer
De Kernboodschap: Waarom "Onbepaald" niet kan bestaan
Stel je voor dat je een moeilijke keuze moet maken. Bijvoorbeeld: word je een kunstenaar (veel vrijheid, maar onzeker inkomen) of een bankier (veel geld, maar saai werk)?
Veel filosofen zeggen dat deze twee opties onbepaald (of "onvergelijkbaar") zijn. Ze zeggen: "Geen van beide is beter dan de andere, en ze zijn ook niet even goed. Het is gewoon een raadsel." Ze noemen dit incompleteness (onvolledigheid) in onze waarden.
De auteurs van dit artikel (Tarsney, Lederman en Spears) zeggen echter: "Nee, dat kan niet." Ze beweren dat als je twee logische regels volgt die we allemaal als vanzelfsprekend zien, je moet toegeven dat er altijd een antwoord is. Er is altijd een "beter" of een "even goed". Er is geen ruimte voor "het is gewoon niet te zeggen".
Hun bewijs is een slimme gedachte-experiment met loterijen. Laten we het uitleggen met een verhaal.
Het Verhaal van de Twee Loterijen
Stel je voor dat je twee vrienden hebt: Piet en Pauw. Je moet een loterij kiezen die hun levens bepaalt.
Optie A (Loterij 1): Je gooit een munt.
- Kop: Piet wordt kunstenaar, Pauw wordt bankier.
- Munt: Piet wordt bankier, Pauw wordt kunstenaar.
- Kortom: Ze hebben allebei 50% kans op het ene leven en 50% op het andere.
Optie B (Loterij 2): Je gooit dezelfde munt, maar we doen een kleine "smaakverandering" (een sweetening).
- Kop: Piet wordt een super-artist (een kunstenaar met een beetje meer geld, dus iets beter dan de gewone kunstenaar), Pauw wordt bankier.
- Munt: Piet wordt bankier, Pauw wordt kunstenaar.
Het Dilemma:
- Als "Kunstenaar" en "Bankier" echt onbepaald zijn (niet te vergelijken), dan lijkt het alsof Loterij 1 en Loterij 2 ook onbepaald zijn. Niets in Loterij 2 is namelijk duidelijk beter dan iets in Loterij 1, want de basisopties zijn immers onbepaald.
- Maar wacht even! In Loterij 2 krijgt Piet een betere kans op een goed leven (de super-artist). Voor Pauw is het precies hetzelfde als in Loterij 1.
- Logisch gezien zou je denken: "Als het voor Piet beter is, en voor Pauw niet slechter, dan is Loterij 2 beter."
De Conclusie:
Je zit in een klem. Je kunt niet zeggen dat ze onbepaald zijn én dat Loterij 2 beter is. Je moet kiezen. De auteurs zeggen: "De logica van Loterij 2 is te sterk. Het is gewoon beter. Dus, de oorspronkelijke gedachte dat 'Kunstenaar' en 'Bankier' onbepaald zijn, moet fout zijn."
De Twee Regels van het Spel
De auteurs gebruiken twee simpele regels om dit te bewijzen. Je kunt ze zien als de wetten van een spel:
1. De "Geen Slechtste Optie" Regel (Negative Dominance)
Stel je voor dat je twee dozen met cadeaus kiest.
- Doos A heeft een kans op een auto, een fiets of een steen.
- Doos B heeft een kans op een fiets, een steen of een leeg stuk karton.
Als geen enkel cadeau in Doos A beter is dan welk cadeau dan ook in Doos B, dan kan Doos A niet beter zijn dan Doos B.
- In het Nederlands: Je kunt een loterij niet als "beter" beschouwen als er geen enkele uitkomst is die echt uitblinkt. Als alle mogelijke uitkomsten van A "slecht" of "onbekend" zijn vergeleken met B, dan is A niet de winnaar.
2. De "Iedereen Wint" Regel (Personal Good / Pareto)
Stel je voor dat je een nieuwe schoolmaaltijd kiest.
- Maaltijd X: Iedereen krijgt een appel.
- Maaltijd Y: Iedereen krijgt een appel, behalve dat één kind een appel krijgt met een extra stukje taart erop.
Als het voor iedereen minstens even lekker is, en voor één persoon echt lekkerder, dan is Maaltijd Y beter voor de hele groep.
- In het Nederlands: Als je een keuze maakt die voor niemand slechter is, maar voor iemand beter, dan is die keuze over het algemeen beter.
Waarom dit een Probleem is voor de "Onbepaaldheid"
De auteurs zeggen: "Als je denkt dat levens onbepaald zijn, moet je een van deze twee regels verbreken."
- Als je zegt: "Loterij 2 is niet beter dan Loterij 1, want de opties zijn onbepaald", dan schend je Regel 2 (Iedereen Wint). Want voor Piet is het toch duidelijk beter?
- Als je zegt: "Loterij 2 is beter", dan moet je toegeven dat er een vergelijking mogelijk is. Maar als je dat doet, moet je ook toegeven dat "Kunstenaar" en "Bankier" eigenlijk wel te vergelijken zijn, anders zou de vergelijking in de loterij niet werken.
Het is alsof je zegt: "Ik kan niet zeggen of rood of blauw mooier is." Maar als ik je een rode auto geef en een blauwe auto, en ik verandert de rode auto in een glanzende rode auto, dan zeg je ineens: "Oh, die glanzende rode auto is beter!"
De auteurs zeggen: "Nee, als je dat zegt, dan heb je al erkend dat rood en blauw wel te vergelijken zijn. Je kunt niet zeggen dat ze onbepaald zijn én dat de glanzende versie beter is."
De Grootte van het Bewijs
Dit bewijs werkt niet alleen voor levenskeuzes (kunstenaar vs. bankier), maar ook voor:
- Het bestaan van mensen: Is het beter dat er een extra persoon is met een goed leven, of dat die persoon niet bestaat? De auteurs zeggen: "Je kunt niet zeggen dat het onbepaald is."
- Grote maatschappelijke keuzes: Bijvoorbeeld, is een wereld met meer mensen en iets minder geluk beter dan een wereld met minder mensen en heel veel geluk? De auteurs zeggen: "Er is altijd een antwoord, ook al vinden we het moeilijk."
Wat als de wereld oneindig groot is?
De auteurs geven toe dat dit bewijs werkt voor eindige situaties (een beperkt aantal mensen). Als je begint te praten over oneindig veel mensen of oneindige loterijen, worden de regels een beetje raar (zoals in wiskundige paradoxen). Maar voor ons dagelijkse leven, met een beperkt aantal mensen, houden de regels stand.
Samenvatting in één zin
Als je accepteert dat een keuze beter is als ze voor iedereen minstens even goed is en voor sommigen beter, én als je accepteert dat een loterij niet beter kan zijn als er geen enkele uitkomst is die echt uitblinkt, dan moet je toegeven dat er altijd een antwoord is op de vraag wat beter is. Er is geen plek voor "het is gewoon onbepaald".
De auteurs zeggen eigenlijk: "Stop met zeggen dat dingen niet te vergelijken zijn. De logica van de keuzes die we maken, dwingt ons om te zeggen dat er altijd een winnaar is, zelfs als het moeilijk is om te zien welke dat is."
Verdrinkt u in papers in uw vakgebied?
Ontvang dagelijkse digests van de nieuwste papers die bij uw onderzoekswoorden passen — met technische samenvattingen, in uw taal.